Links

verenigingsstatuten


STATUTEN

Artikel 1 Naam, zetel en rechtsbevoegdheid
Artikel 2 Duur
Artikel 3 Doel
Artikel 4 Lidmaatschap
Artikel 5 Rechten en verplichtingen
Artikel 6 Straffen
Artikel 7 Einde lidmaatschap
Artikel 8 Donateurs
Artikel 9 Bestuur
Artikel 10 Bestuursbevoegdheid
Artikel 11 Vertegenwoordiging
Artikel 12 Rekening en verantwoording
Artikel 13 Geldmiddelen en contributie
Artikel 14 Besluiten van de organen van de vereniging
Artikel 15 Algemene vergaderingen
Artikel 16 Het leiden en notuleren van algemene vergaderingen
Artikel 17 Toegang en besluitvorming algemene vergadering
Artikel 18 Statutenwijziging
Artikel 19 Ontbinding en vereffening
Artikel 20 Huishoudelijk reglement


HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 8
Artikel 9
Artikel 10
Artikel 11
Artikel 12
Artikel 13
Slotbepaling



STATUTEN
Artikel 1 - Naam, zetel en rechtsbevoegdheid

  1. De vereniging is genaamd: AV PEC-1910. Deze naam betekent: Atletiekvereniging Prins Hendrik Ende desespereert niet Combinatie 1910, hierna te noemen: de vereniging. Zij heeft haar zetel in de gemeente Zwolle.
  2. De vereniging bezit volledige rechtsbevoegdheid.
  3. De vereniging is ingeschreven in het Verenigingenregister, dat gehouden wordt bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken te Zwolle.

Artikel 2 - Duur

  1. De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.
  2. Het boekjaar, tevens verenigingsjaar, loopt van een januari tot en met een en dertig december.
  3. De vereniging is opgericht op een en twintig oktober negentien honderd vier en zeventig, nadat zij is afgescheiden van de in negentien honderd tien opgerichte voetbal -en atletiekvereniging PEC.

Artikel 3 - Doel

  1. De vereniging heeft ten doel het (doen) beoefenen en het bevorderen van de atletiek in welke verschijningsvormen dan ook.
  2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door:
    1. lid te zijn van de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie, hierna te noemen: KNAU, en binnen dit KNAU?verband het organiseren van en deelnemen aan atletiekevenementen, opleidingen en andere activiteiten;
    2. de benodigde accommodatie tot stand te (doen) brengen;
  3. De vereniging mag geen winst onder haar leden verdelen.

Artikel 4 - Lidmaatschap

  1.  
    1. Leden zijn die natuurlijke personen, die door het bestuur als lid zijn toegelaten.
    2. Alleen diegenen, die voor de duur van hun lidmaatschap ook lid zijn van de KNAU, kunnen lid zijn van de vereniging.
  2.  
    1. Tot het lidmaatschap van de vereniging kunnen niet worden toegelaten degenen, die niet tot het lidmaatschap van de KNAU worden toegelaten, of van wie de KNAU het lidmaatschap heeft beëindigd.
    2. Het bestuur is verplicht het lidmaatschap van de KNAU aan te vragen voor een ieder, die in de vereniging actief de sport beoefent, enige functie bekleedt of anderszins lid is van de vereniging. Leden van de KNAU zijn collectief verzekerd voor de gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid in het kader van de sportbeoefening.
    3. Het bestuur van de KNAU is bevoegd te controleren of aan het onder b bepaalde is voldaan.
  3. Ingeval van niet?toelating door het bestuur kan op verzoek van de betrokkene de eerstvolgende algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten, zulks met inachtneming van het in lid 2 bepaalde.
  4. Op voorstel van het bestuur kan de algemene vergadering een lid wegens zijn bijzondere verdiensten voor de vereniging het predikaat "ere?lid" of "lid van verdienste" verlenen.
  5.  
    1. Het bestuur houdt een register bij waarin de namen, adressen en geboortedata van de leden zijn opgenomen, een en ander op een door de KNAU aan te geven wijze.
    2. Het bestuur draagt er zorg voor dat degenen die als lid tot de vereniging wensen te worden toegelaten, worden aangemeld bij de KNAU.

Artikel 5 - Rechten en verplichtingen

  1. De leden zijn tevens gehouden:
    1. de statuten en reglementen van de vereniging, alsmede de besluiten van het bestuur, van de algemene vergadering of van een ander orgaan van de vereniging na te leven;
    2. de statuten en reglementen van de KNAU, de besluiten van een orgaan van de KNAU, alsmede de van toepassing verklaarde wedstrijdbepalingen na te leven;
    3. de door de KNAU van toepassing verklaarde wedstrijdbepalingen van de International Amateur Athletic Federation en de European Athletic Association na te leven;
    4. de belangen van de vereniging niet te schaden.
  2. De leden zijn voorts verplicht zich jegens elkaar en jegens de vereniging te gedragen naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd.
  3. De vereniging kan door een besluit van het bestuur, van de algemene vergadering of van een ander orgaan verplichtingen ? al dan niet van financiële aard ? aan de leden opleggen.
  4. De vereniging en de KNAU kunnen, voorzover uit de statuten van de vereniging onderscheidenlijk van de KNAU niet het tegendeel voortvloeit, ten behoeve van de leden rechten bedingen. De vereniging kan in een voorkomend geval ten behoeve van een lid nakoming van bedoelde rechten en schadevergoeding vorderen, tenzij het lid het bestuur schriftelijk mededeelt het bestuur daartoe niet te machtigen.
  5. De vereniging en de KNAU kunnen, voorzover dit in de statuten van de vereniging onderscheidenlijk van de KNAU uitdrukkelijk is bepaald, ten laste van de leden verplichtingen met derden aangaan.
  6. Voorzover van toepassing gelden de in lid 1 en 2 bedoelde rechten en verplichtingen ook ten opzichte van de vereniging.
  7. De in de leden 1, 2 en 3 genoemde bevoegdheden worden uitgeoefend door het bestuur.

Artikel 6 - Straffen

  1.  
    1. In het algemeen zal strafbaar zijn zodanig handelen of nalaten dat in strijd is met de wet, danwel met de statuten, reglementen en/of besluiten van organen van de vereniging, of waardoor de belangen van de vereniging worden geschaad.
    2. Tevens zal strafbaar zijn zodanig handelen of nalaten dat in strijd is met de statuten, reglementen, en/of besluiten van organen van de KNAU, alsmede met de door de KNAU van toepassing verklaarde wedstrijdbepalingen of waardoor de belangen van de KNAU, danwel van de atletieksport in het algemeen worden geschaad.
  2.  
    1. Daargelaten de bevoegdheid van de KNAU om overtredingen, als bedoeld in lid 1 onder b te bestraffen, is het bestuur bevoegd om overtredingen te bestraffen.
    2. Van een door het bestuur opgelegde straf kan de betrokkene in beroep gaan bij de algemene vergadering, met inachtneming van het in lid 6 van dit artikel bepaalde.
  3.  
    1. In geval van een overtreding, als bedoeld in lid 1 onder a, kunnen door de vereniging de volgende straffen worden opgelegd:
      • berisping;
      • boete tot een maximum van fl. 100,- (€45,-) ;
      • schorsing;
      • royement (ontzetting uit het lidmaatschap).
    2. Een lid kan niet worden gestraft dan nadat hem de gelegenheid is geboden zich te verdedigen tegen de tegen hem ingebrachte beschuldiging. Een opgelegde straf wordt schriftelijk aan het lid medegedeeld. In spoedeisende gevallen kan het bestuur de beslissing mondeling aan het lid mededelen.
    3. Van het opleggen van een straf wordt in het clubblad mededeling gedaan.
  4. Een schorsing kan ten hoogste voor de duur van één jaar worden opgelegd. Gedurende de periode dat een lid is geschorst, kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend, met uitzondering van het recht om in beroep te gaan.
  5.  
    1. Royement kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
    2. Nadat het bestuur tot royement heeft besloten, wordt de betrokkene zo spoedig mogelijk door middel van een brief met bericht van ontvangst met opgave de reden(en) van het besluit in kennis gesteld.
  6.  
    1. Van een door de vereniging opgelegde schorsing of royement kan de betrokken binnen een maand na ontvangst van deze kennisgeving van het bestuur in beroep gaan. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
    2. Van de overige door het bestuur van de vereniging opgelegde straffen staat geen beroep open.

Artikel 7 - Einde lidmaatschap

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. door de dood van het lid, in welk geval het lidmaatschap niet vererft;
    2. door opzegging door het lid;
    3. door opzegging door de vereniging;
    4. door royement (ontzetting), als bedoeld in art. 6 lid 6.
  2.  
    1. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.
    2. Royement geschiedt door het bestuur.
  3. De vereniging kan het lidmaatschap opzeggen:
    1. in de gevallen in de statuten genoemd,
    2. wanneer het lid heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten die de statuten voor het lidmaatschap stellen, alsmede
    3. wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren.
    4. wanneer de KNAU het lidmaatschap van het lid heeft beëindigd, in welk geval de opzegging met onmiddellijke ingang geschiedt, tenzij het lid tegen de beëindiging van het lidmaatschap van de KNAU op de door de KNAU voorgeschreven wijze bezwaar heeft gemaakt. In het laatste geval is het lid als lid van de vereniging geschorst totdat de beëindiging door de KNAU is bevestigd of ongedaan gemaakt.
  4.  
    1. Een lid kan het lidmaatschap opzeggen met inachtneming van het in dit artikel bepaalde.
    2. Een lid kan het lidmaatschap voorts met onmiddellijke ingang beëindigen:
      • wanneer redelijkerwijs niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren;
      • binnen een maand nadat een besluit, waarbij zijn rechten zijn beperkt of verplichtingen zijn verzwaard, hem is bekend geworden of medegedeeld, in welk geval het besluit alsdan niet op hem van toepassing is. Deze bevoegdheid tot opzegging komt het lid niet toe wanneer rechten en verplichtingen worden gewijzigd, die in de statuten nauwkeurig zijn omschreven, wijziging van geldelijke rechten en verplichtingen daaronder begrepen.
      • binnen een maand nadat hem een besluit is medegedeeld tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie.
  5.  
    1. Opzegging van het lidmaatschap kan slechts geschieden halverwege en tegen het einde van het boekjaar en met inachtneming van een nader te bepalen opzeggingstermijn. Op deze termijn is de Algemene Termijnenwet niet van toepassing. In ieder geval kan het lidmaatschap worden beëindigd door opzegging tegen het einde van het verenigingsjaar, volgend op dat waarin werd opgezegd, alsmede onmiddellijk in de gevallen, als bedoeld in de leden 3 en 4.
    2. Een opzegging in strijd met het onder a bepaalde doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum waartegen was opgezegd.
  6. Indien een lid door de KNAU is geroyeerd, is het bestuur, na het onherroepelijk worden van dit royement, verplicht het lidmaatschap van het betreffende lid met onmiddellijke ingang op te zeggen.
  7. Behoudens in geval van overlijden wordt enig gewezen lid, dat heeft opgezegd, geacht nog lid te zijn tot ten hoogste het eind van het boekjaar volgend op dat waarin werd opgezegd, zolang het lid niet heeft voldaan aan zijn geldelijke verplichtingen ten opzichte van de vereniging, of zolang enige andere aangelegenheid waarbij hij betrokken is niet is afgewikkeld, de tenuitvoerlegging van een opgelegde straf daarin begrepen. Gedurende deze periode kan de betrokkene geen recht uitoefenen, met uitzondering van het recht om binnen de gestelde termijn in beroep te gaan.

Artikel 8 - Donateurs

  1. De vereniging kent naast leden donateurs.
  2. Donateurs zijn die natuurlijke? of rechtspersonen die door het bestuur zijn toegelaten en die zich jegens de vereniging verplichten om jaarlijks een door het bestuur vastgestelde bijdrage te storten.
  3. Donateurs hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hen in of krachtens de statuten zijn toegekend of opgelegd.
  4. De rechten of verplichtingen van donateurs kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage voor het lopende boekjaar voor het geheel verschuldigd blijft.
  5. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.

Artikel 9 - Bestuur

  1. Het bestuur bestaat uit ten minste vijf meerderjarige personen die door de algemene vergadering uit de leden worden benoemd. Het aantal bestuursleden wordt vastgesteld door de algemene vergadering.
  2. Bestuursleden worden kandidaat gesteld door het bestuur of door ten minste tien leden. De kandidaatstelling geschiedt niet door middel van een bindende voordracht.
  3. De voorzitter, secretaris en penningmeester worden door de algemene vergadering in functie benoemd.
  4. In zijn eerste bestuursvergadering na een benoeming van bestuursleden, verdeelt het bestuur in onderling overleg de overige functies en stelt het bestuur de taken van de bestuursleden vast en doet hiervan ? hetzij in het clubblad, hetzij door middel van een schriftelijke kennisgeving ? mededeling aan alle leden.
  5. Iedere bestuurslid is tegenover de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Indien het een aangelegenheid betreft die tot de werkkring van twee of meer bestuursleden behoort, is ieder van hen geheel aansprakelijk terzake van een tekortkoming, tenzij deze niet aan hem is te wijten en hij nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.
  6. Ieder bestuurslid wordt benoemd voor een periode van drie jaar en treedt af volgens een door het bestuur op te maken rooster. Aftredende bestuursleden zijn terstond herbenoembaar. Wie in een tussentijdse vacature is benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
  7. De algemene vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan indien zij daartoe termen aanwezig acht. Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen. Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  8. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:
    1. door het eindigen van het lidmaatschap;
    2. door bedanken.

Artikel 10 - Bestuursbevoegdheid

  1. Behoudens beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
  2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats(en) aan de orde komt.
  3. Het bestuur is bevoegd uit zijn midden een dagelijks bestuur te benoemen en de taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur vast te stellen.
  4. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taken te doen uitvoeren door commissies die door het bestuur zijn benoemd.
  5. Het bestuur is, na voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.

Artikel 11 - Vertegenwoordiging

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging, voorzover uit de wet niet anders voortvloeit.
  2.  
    1. De vereniging wordt voorts in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter tezamen met de secretaris of tezamen met de penningmeester, danwel bij afwezigheid van één van de genoemden tezamen met een ander bestuurslid.
    2. Het bestuur is bevoegd aan anderen een schriftelijke volmacht te verlenen, op grond waarvan deze bevoegd zijn de vereniging in de in de volmacht omschreven gevallen te vertegenwoordigen.
  3.  
    1. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging die aan het bestuur of aan bestuursleden toekomt, is onbeperkt en onvoorwaardelijk, voorzover uit de wet niet anders voortvloeit. Een wettelijk toegelaten of voorgeschreven beperking van of voorwaarde voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging kan slechts door de vereniging worden ingeroepen.
    2. De uitsluiting, beperkingen en voorwaarden gelden mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de vereniging terzake van de in art. 10 lid 5 bedoelde handelingen.
  4. Bestuursleden aan wie krachtens de statuten of op grond van een volmacht vertegenwoordigingsbevoegdheid is toegekend, oefenen deze bevoegdheid niet uit dan nadat tevoren een bestuursbesluit is genomen waarbij tot het aangaan van de betreffende rechtshandeling is besloten.
  5. De vereniging wordt op de vergaderingen van de KNAU vertegenwoordigd door een daartoe door het bestuur aangewezen bestuurslid, die bevoegd is op die vergadering namens de vereniging en de leden aan de stemming deel te nemen.

Artikel 12 - Rekening en verantwoording

  1. Het bestuur is verplicht tot het houden van zodanige aantekeningen omtrent de vermogenstoestand van de vereniging dat daaruit te allen tijde zijn rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  2.  
    1. Het bestuur brengt op de algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, een jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de algemene vergadering over.
    2. De onder a bedoelde stukken worden ondertekend door alle bestuursleden; ontbreekt een handtekening van een bestuurslid, dan wordt hiervan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na afloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuursleden in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
  3.  
    1. De algemene vergadering benoemt jaarlijks een kascommissie, bestaande uit drie leden en één plaatsvervangend lid die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
    2. De leden worden benoemd voor de duur van drie jaar en treden volgens een op te maken rooster af. Zij zijn aansluitend slechts éénmaal herbenoembaar.
    3. De kascommissie onderzoekt de balans en de staat van baten en lasten, alsmede de toelichting bij deze stukken en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
  4. Het bestuur is verplicht de kascommissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en de bescheiden van de vereniging te geven.
  5. Goedkeuring door de algemene vergadering van het jaarverslag en van de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot décharge voor alle handelingen, voorzover die uit de jaarstukken blijken.
  6. Het bestuur is verplicht de bescheiden, bedoeld in lid 1 en 2, tien jaar lang te bewaren.

Artikel 13 - Geldmiddelen en contributie

  1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:
    1. contributies van de leden;
    2. ontvangsten uit wedstrijden en entreegelden;
    3. subsidies, giften en andere inkomsten.
  2. De leden zijn jaarlijks gehouden tot het betalen van een contributie, die door de algemene vergadering van tijd tot tijd zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende bijdrage betalen.
  3. Degene, aan wie het predikaat erelid of lid van verdienste is verleend, is vrijgesteld van het betalen van contributie.
  4. Het bestuur is bevoegd bepaalde groepen vrij te stellen van het betalen van contributie.
  5.  
    1. De contributie kan in door het bestuur nader vast te stellen termijnen geïnd worden.
    2. Het aan de KNAU af te dragen bedrag kan in de eerste termijn geïnd worden.
  6. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een boekjaar eindigt, blijft niettemin de contributie tot aan de eerstvolgende inning van de contributie verschuldigd.
  7. De vereniging is aan de KNAU de door deze jaarlijks vastgestelde afdracht verschuldigd.

Artikel 14 - Besluiten van organen van de vereniging

  1. Orgaan van de vereniging zijn het bestuur en de algemene vergadering, alsmede al die commissies en personen die krachtens de statuten door de algemene vergadering zijn belast met een nader omschreven taak en aan wie daarbij door de algemene vergadering beslissingsbevoegdheid is toegekend.
  2.  
    1. Het in een vergadering van een orgaan uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan wordt het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  3. Van het verhandelde in een vergadering worden notulen gemaakt, die op de eerstvolgende vergadering van het orgaan dienen te worden goedgekeurd.
  4.  
    1. Een besluit van een orgaan dat in strijd is met de wet of met de statuten, is nietig, tenzij uit de wet iets anders voortvloeit. Een nietig besluit mist rechtskracht.
    2. Is een besluit nietig, omdat het is genomen ondanks het ontbreken van een door de wet of de statuten voorgeschreven voorafgaande handeling of mededeling aan een ander dan het orgaan dat het besluit heeft genomen, dan kan het door die ander worden bekrachtigd. Is voor de ontbrekende handeling een vereiste gesteld, dan geldt dat ook voor de bekrachtiging.
    3. Bekrachtiging is niet meer mogelijk na afloop van een redelijke termijn, die aan de ander is gesteld door het orgaan dat het besluit heeft genomen of door de wederpartij tot wie het was gericht.
  5.  
    1. Een besluit van een orgaan is, onverminderd het elders in de wet omtrent de mogelijkheid van een vernietiging bepaalde, vernietigbaar:
      1. wegens strijd met wettelijke of statutaire bepalingen die het tot stand komen van het besluit regelen;
      2. wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid.
      3. wegens strijd met een reglement.
    2. Tot de onder a bedoelde bepalingen behoren niet die welke de voorschriften bevatten, waarop in lid 4 onder b wordt gedoeld.
  6. De bevoegdheid om vernietiging van een besluit te vorderen, vervalt een jaar na het einde van de dag, waarop hetzij aan het besluit voldoende bekendheid is gegeven, hetzij een belanghebbende van het besluit kennis heeft genomen of daarvan is verwittigd.
  7. Een besluit dat vernietigbaar is op grond van het bepaalde in lid 5 onder a, kan door een daartoe strekkend besluit worden bevestigd. Voor dit besluit gelden dezelfde vereisten als voor het te bevestigen besluit. Bevestiging is niet mogelijk zodra een vordering tot vernietiging aanhangig is. Indien de vordering wordt toegewezen, geldt het vernietigde besluit als opnieuw genomen door het latere besluit, tenzij uit de strekking van dit besluit het tegendeel voortvloeit.

Artikel 15 - Algemene vergaderingen

  1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks zal uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar een algemene vergadering worden gehouden (de jaarvergadering). Buitengewone algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit gewenst acht.
  3. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur, met inachtneming van een termijn van ten minste veertien dagen. De bijeenroeping geschiedt door een mededeling in het clubblad of door middel van een aan alle leden te zenden schriftelijke kennisgeving met gelijktijdige vermelding van de agenda.
  4.  
    1. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van ten minste een zodanig aantal leden, als bevoegd is tot het uitbrengen van één tiende gedeelte van de stemmen in de algemene vergadering, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek.
    2. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig het bepaalde in het vorige lid of door het plaatsen van een advertentie in ten minste één, ter plaatse waar de vereniging is gevestigd, veel gelezen dagblad. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.
  5. De agenda van de jaarvergadering bevat onder meer:
    1. Vaststelling van de notulen van de vorige algemene vergadering;
    2. Jaarverslag van het bestuur;
    3. Verslag van de penningmeester;
    4. Verslag van de kascommissie;
    5. Vaststelling van de balans en van de staat van baten en lasten;
    6. Vaststelling van de contributies;
    7. Vaststelling van de begroting;
    8. Benoeming bestuursleden;
    9. Rondvraag.

Artikel 16 - Het leiden en notuleren van algemene vergaderingen

  1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur of door zijn plaats-vervanger. Zijn de voorzitter en zijn plaatsvervanger verhinderd, dan treedt een ander door het bestuur aan te wijzen bestuurslid als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin.
  2. Van het verhandelde in elke algemene vergadering worden door een bestuurslid notulen gemaakt. De notulen worden in het clubblad gepubliceerd of op een andere wijze ter kennis van de leden gebracht en dienen door de eerstvolgende algemene vergadering te worden vastgesteld.

Artikel 17 - Toegang en besluitvorming algemene vergadering

  1.  
    1. Ieder lid heeft toegang tot de algemene vergadering.
    2. Leden, die geschorst zijn, hebben geen toegang tot de algemene vergadering, tenzij zij bij de algemene vergadering beroep hebben ingesteld naar aanleiding van een opgelegde straf in welk geval zij bevoegd zijn alleen de behandeling van hun beroep bij te wonen.
  2.  
    1. Ieder lid heeft één stem.
    2. Leden tot en met 16 jaar kunnen het stemrecht niet zelf uitoefenen. Zijn wettelijk vertegenwoordiger is alsdan bevoegd het stemrecht uit te oefenen.
  3. Ieder lid kan als gemachtigde slechts namens één ander lid het stemrecht uitoefenen.
  4. Het stemrecht over besluiten, waarbij de vereniging aan bepaalde personen, anders dan in hun hoedanigheid van lid, rechten toekent of verplichtingen kwijtscheldt, wordt aan die personen en aan hun echtgenoot en bloedverwanten in de rechte lijn ontzegd.
  5. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
  6. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk.
  7. Over alle voorstellen zaken betreffende wordt, voor zover de statuten niet anders bepalen, beslist bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Bij het staken van de stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
  8. Bij stemming over personen is degene gekozen, die de meerderheid van de uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien niemand die meerderheid heeft verkregen, wordt een tweede stemming gehouden tussen de personen, die het hoogste aantal van de uitgebrachte stemmen hebben verkregen en is hij gekozen, die bij die tweede stemming de meerderheid van de uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij die tweede stemming de stemmen staken, beslist het lot.
  9. Ongeldige stemmen zijn stemmen die blanco of op enigerlei wijze ondertekend zijn, dan wel iets anders aanduiden dan in stemming is gebracht of andere namen bevatten dan van de personen over wie wordt gestemd.

Artikel 18 - Statutenwijziging

  1. De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de algemene vergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet ten minste zeven dagen bedragen.
  2. Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt de voorgestelde wijziging ten minste veertien dagen vóór vergadering in het clubblad gepubliceerd en/of een afschrift hiervan aan alle leden toegezonden.
  3. Het bepaalde in de leden 1 en 2 van dit artikel is niet van toepassing, indien in de algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt aangenomen.
  4. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin ten minste twee derden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Indien geen twee derden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, een besluit kan worden genomen, mits met een meerderheid van ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen.
  5.  
    1. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Van dit tijdstip wordt mededeling gedaan in het clubblad. Iedere bestuurslid afzonderlijk is dan tot het doen verlijden van deze akte bevoegd.
    2. De bestuursleden zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten in het Verenigingenregister neer te leggen.
  6. De vereniging behoeft voor een wijziging van de statuten de voorafgaande goedkeuring van de KNAU. Hetzelfde geldt voor de wijziging van de naam van de vereniging.

Artikel 19 - Ontbinding en vereffening

  1.  
    1. Voor een besluit tot ontbinding van de vereniging is het bepaalde in art. 18 lid 1 en lid 2, alsmede het bepaalde in lid 3 van dit artikel van overeenkomstige toepassing.
    2. De vereniging wordt ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de algemene vergadering, genomen met ten minste twee derden van het aantal uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste drie vierden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
  2. Bij de oproeping tot de in het eerste en tweede lid van dit artikel bedoelde vergaderingen moet worden medegedeeld, dat ter vergadering zal worden voorgesteld de vereniging te ontbinden. De termijn voor oproeping tot zodanige vergadering moet ten minste veertien dagen bedragen.
  3.  
    1. De bestuursleden treden na het besluit tot ontbinding van de vereniging als vereffenaars op.
    2. De algemene vergadering is bevoegd na het besluit tot ontbinding de alsdan zitting hebbende bestuursleden te ontslaan met gelijktijdige benoeming van één of meer vereffenaars.
  4. Bij een besluit tot ontbinding wordt de bestemming van een eventueel batig saldo bepaald, terwijl de algemene vergadering tevens één of meer bewaarders aanwijst.
  5. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voor zover mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen, die van de vereniging uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd de woorden "in liquidatie".
  6. De boeken en bescheiden van de ontbonden vereniging moeten door de bewaarder(s) worden bewaard gedurende tien jaren na afloop van de vereffening.

Artikel 20 - Huishoudelijk reglement

  1. De algemene vergadering kan een Huishoudelijk Reglement vaststellen en wijzigen.
  2. Het Huishoudelijk Reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.
  3. De statuten en reglementen van de vereniging mogen niet in strijd zijn met die van de KNAU.



HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Artikel 1

  1. De vereniging kent verschillende soorten leden.
  2. Leden
  3. Ereleden, leden van verdienste.
  4. Bestuursleden.
  5. Donateurs.

Ad. 1. Leden worden lid van de vereniging door aanmelding bij de vereniging. Ad. 2. Leden kunnen tot lid van verdienste of erelid benoemd worden door de Algemene Ledenvergadering, volgens een vastgesteld reglement. Ad. 3. Bestuursleden worden benoemd door de Algemene Ledenvergadering volgens de bepalingen van de Statuten. Ad. 4. Donateurs melden zich vrijwillig aan bij de vereniging. Donateurs betalen vrijwillig een bijdrage aan de vereniging. Donateurs kunnen geen rechten ontlenen aan het donateurschap Artikel 2

De namen van nieuwe leden worden gepubliceerd in het clubblad. Indien enig lid bezwaar heeft tegen het nieuwe lid, dient hij binnen één maand na publicatie schriftelijk bezwaar aan te tekenen bij het bestuur.
Het bestuur beslist in deze.

Artikel 3

  1. Het bestuur draagt de financiële verantwoordelijkheid van de vereniging en is hierover verantwoording schuldig aan de Algemene Ledenvergadering, volgens de bepalingen uit de Statuten.
  2. Commissies en leden, die voor de uitoefening van hun functie gelden beheren in naam van de vereniging, zijn hierover rekening en verantwoording verschuldigd aan de penningmeester.
  3. Tenminste aan het einde van het boekjaar zal een verrekening plaatsvinden van de onder beheer zijnde gelden en of tegoeden.
  4. De penningmeester is ten alle tijde gerechtigd over de gelden van commissies of leden, die gelden van de vereniging beheren, te beschikken.
  5. De penningmeester draagt er zorg voor, dat de commissies van de vereniging over voldoende financiën beschikken, om naar behoren te kunnen functioneren.
  6. Het bestuur stelt in overleg met de commissies vast in welke mate en tot welke limiet men een eigen financieel beleid kan voeren.
  7. Tevens wordt vastgesteld tot welk bedrag en in welke omstandigheden men zonder voorafgaande toestemming goederen kan aanschaffen.
  8. Het bestuur stelt in onderling overleg vast, tot welke limiet de penningmeester en overige bestuursleden zonder voorafgaand overleg aankopen kunnen doen of andere uitgaven kunnen doen ten laste van de vereniging.
  9. Aankopen of uitgaven die de limiet ten boven gaan dienen vooraf de toestemming van de meerderheid van het bestuur te krijgen.
  10. In spoedeisende gevallen beslist het Dagelijks Bestuur gezamenlijk en doet daarvan verslag in de eerstvolgende bestuursvergadering
  11. Van alle afspraken omtrent het beheer en besteding van gelden wordt verslag gemaakt door het bestuur of een commissie lid. Van dit verslag wordt één exemplaar ter beschikking gesteld aan de penningmeester en één exemplaar aan de secretaris.

Artikel 4

  1. Het is leden toegestaan zich persoonlijk te laten sponsoren.
  2. Een lid, dat zich wil laten sponsoren, dient hiervan het bestuur in kennis te stellen.
  3. Bepalingen in een sponsorcontract mogen geen nadelen inhouden voor de vereniging.
  4. Individuele sponsorcontracten mogen niet strijdig met belangen van sponsors die de vereniging ondersteunen.
  5. Reclame uitingen op kleding mogen niet strijdig zijn met de bepalingen van de KNAU hieromtrent en dienen de goedkeuring van de KNAU te krijgen.
  6. Voor groepen van leden en commissies gelden dezelfde bepalingen.

Artikel 5

Boetes opgelegd door de KNAU of secties van de KNAU dienen door de betreffende atleten zelf voldaan te worden; eventueel via de penningmeester van de vereniging.

Artikel 6

  1. Ieder lid dient zich bij wedstrijden, waarbij men op enigerlei wijze de vereniging vertegenwoordigd, te kleden in het clubtenu.
  2. Het clubtenu bestaat uit een wit short en wit shirt met verticale groene strepen, of een daaraan gelijk gestelde outfit.
  3. Afwijkingen in het clubtenu zijn slechts toegestaan na goedkeuring door het bestuur en in de meeste gevallen door de KNAU.

Artikel 7

Leden zijn verplicht de aanwijzingen van trainers, coaches en andere begeleiders met betrekking tot trainingen en wedstrijden stipt op te volgen.

Artikel 8

  1. Nieuwe leden hebben het recht, alvorens zich aan te melden als lid, één maand gratis de trainingen te volgen.
  2. Bij inschrijving als lid wordt eenmalig inschrijfgeld gevraagd. De hoogte hiervan wordt vastgesteld door de penningmeester.
  3. Alle leden en vaste medewerkers dienen lid te zijn van de KNAU.
  4. De contributie wordt geïnd in twee termijnen.
  5. De contributie van het eerste halfjaar wordt verhoogd met een bijdrage in de kosten, die door de KNAU in rekening gebracht worden aan de vereniging. Dit bedrag wordt in mindering gebracht op de contributie van het tweede halfjaar. De hoogte van deze bijdrage wordt vastgesteld door de penningmeester.
  6. Leden wordt de mogelijkheid geboden de vereniging te machtigen voor het automatisch incasseren van de contributie.
  7. Leden die hiervan geen gebruik maken, wordt een bedrag aan administratie kosten in rekening gebracht.

Artikel 9

  1. Opzeggen van het lidmaatschap kan uitsluitend schriftelijk geschieden bij de ledenadministratie.
  2. Opzeggen dient voor 15 juni of 15 december te geschieden.
  3. Indien niet tijdig het lidmaatschap wordt opgezegd, blijft men contributie plichtig voor het lopende halfjaar.
  4. Er zal in de regel geen restitutie plaatsvinden van teveel betaalde contributie.
  5. Leden, die hun contributie niet tijdig betalen, kunnen door het bestuur in gebreke gesteld worden.
  6. Kosten voor invordering van contributie gelden zullen verhaald worden op het in gebreke blijvende lid.
  7. Contributie schuld kan aanleiding zijn voor het beëindigen van het lidmaatschap door de vereniging.
  8. Door beëindigen van het lidmaatschap vervalt echter niet de contributie schuld.
  9. In voorkomende gevallen zal de vereniging medewerking verlenen aan het overschrijven van een lid ( op diens verzoek ) naar een andere vereniging, nadat is vastgesteld dat de contributie verplichtingen aan de vereniging zijn nagekomen, rekening houdend met de voorschriften van de KNAU.

Artikel 10

  • Commissies voeren hun taken uit in overleg met en onder verantwoordelijkheid van het bestuur.
  • Commissies houden het bestuur op de hoogte van hun werkzaamheden.
  • Het bestuur stelt de commissies in staat hun taak naar behoren te vervullen.

Artikel 11

Leden worden geacht op de hoogte zijn van de bepalingen in de Statuten en het huishoudelijk reglement, alsmede van de bepalingen en regelingen opgelegd door de KNAU.

Artikel 12

  1. Wijzigingen in het Huishoudelijk reglement dienen door een meerderheid van de Algemene Ledenvergadering te worden goedgekeurd.
  2. Voorstellen tot wijzigingen van het Huishoudelijk Reglement kunnen worden ingediend door het bestuur.
  3. Ieder lid kan gesteund door een schriftelijke verklaring van tenminste tien leden een voorstel indienen tot wijziging van het Huishoudelijk Reglement.

Artikel 13

In alle gevallen, waarin het Statuut en het Huishoudelijk reglement niet voorzien, alsmede bij twijfel over de uitleg van de bepalingen daarvan, beslist het bestuur.

Slotbepaling

De inhoud van dit huishoudelijk reglement is vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering op 15 april 1996. Dit reglement vervangt alle voorgaande huishoudelijke reglementen.